Kring van Draaiorgelvrienden

Louis Hooghuys te Geraardsbergen (Grammont) in België is in 1880 begonnen met de bouw van draaiorgels. Zijn specialiteit was de bouw van kermisorgels. De zaak is later voortgezet door zoon Charles en weer later kreeg kleinzoon Romain Charles het bedrijf in handen. Tot voor enige jaren werd het bedrijf uitgeoefend.

Hooghuys vormde een uitzondering op de Belgische orgelbouwers in die zin dat naast dansorgels ook instrumenten met een sterker volume werden gemaakt die bedoeld waren voor de kermis. Gebruik werd gemaakt van technieken uit de Duitse draaiorgelbouw en de kerkorgelbouw. Qua klank stonden Franse orgels als voorbeeld. Zo is een zeer specifiek type orgel ontstaan. Er werd geen uitbreiding gezocht in het aantal pijpen maar door een optimaal gebruik van alle mogelijkheden kon toch tegemoet worden gekomen aan wensen om orgels machtiger te laten klinken.