Ruth model 38.
Kermisorgel. Eigenaar: R.
Vader, Kolhorn
Dit orgel werd in januari 1907 afgeleverd
onder het bouwnummer 4189 aan de heer Feind te Berlijn. In het register staat mit
drei Figuren en dat klopt ook wel. Als tweede eigenaar staat Frau Schiemenz genoemd.
Daarna is de geschiedenis enige jaren onzeker. In de jaren 1950 duikt het weer op in het
bezit van de heer Berger uit Leipzig; het staat dan in een hoogvaartmolen. Rond 1975 komt
het in bezit van W. Feuerriegel te Winnigstedt (D). Sinds kort is het in bezit van de
huidige eigenaar, die het front opnieuw liet beschilderen. Het binnenwerk werd grondig
nagezien door de forma Paul Fleck Söhne te Waldkirch. In augustus 2004 speelde het ogrel
voor het eerst voor het publiek op de Dam in Amsterdam.
Het front doet het meest denken aan dat
van de 36er Ruth van Rosenzweig, nu in het bezit van de heer Hinzen; alleen is de
middenkast (uiteraard) breder. Voor een orgel van dit grote en dure model was het front
naar verhouding klein, mogelijk met opzet om in een attractie te passen.
De boeken lopen door de kast, zoals in
die tijd gebruikelijk. Het register Flöte bestaat uit dubbele toverfluiten en 1 helper
(fl. harmonique). Opvallend zijn de buitengewoon fraai klinkende trompetten.
foto: Hans van Oost |