Harmonica groot.jpg (148259 bytes)

DE HARMONICA

Straatorgel. Eigenaar: E. Pluer te Bussum.

Oorspronkelijk is het orgel een door de Belgische orgelbouwer De Vreese omgebouwde Marenghi. Omstreeks 1920 werd het te Rotterdam op straat gebracht door de verhuurder Goudswaard. Het front was overwegend groen-geel, wat de bijnaam "de kanariepiet" opleverde. In 1925 werd het orgel gekocht door de Amsterdammer Bijvoet; in die stad werd het orgel "Spinazieketel" genoemd.

In 1930 werd Möhlmann te Amsterdam eigenaar. Hij liet het door Carl Frei te Breda ombouwen op het systeem Frei 90 toets. In 1933 verscheen het weer op straat en dank zij een op het front geplaatst accordeon kreeg het orgel zijn nieuwe naam.

Na de Tweede Wereldoorlog heeft het vele jaren ongebruikt in de loods van Möhlmann gestaan. Tenslotte werd het eigendom van de Bussumer A. Pluer, die het geheel restaureerde, met behoud van het bestaande gamma maar zonder accordeon.

De heer F. Posthumus te Bergambacht stelde het huidige front samen. Het oorspronkelijke front bestaat nog.

Exploitatie geschiedt nu al vele jaren door de Helderse Orgelvrienden te Den Helder.

Het orgel telt 90 toetsen volgens het systeem Frei:

Melodie: 23 tonen g’-f"’.

Viool 8', drie rijen.

Bourdon céleste 8', twee rijen

Viool céleste 8', twee rijen

Fluit 4', een rij open fluiten

Tegenzang: 18 tonen gº-c"

Unda Maris 8', twee rijen

Bifoon II 8', twee rijen

Begeleiding: 17 tonen cº-dº-eº-fº-f#’ Gedekt 8' met prestant 8'

Bas 8 tonen G-A-Bes-B-c-d-e-f Gedekt 16' - Gedekt 8' - Prestant 4'

8 trombones G-A-Bes-B-C-D-E-F op register

Grote trom met bekkenslag, kleine trom

foto: KDV